Tag Archief: Gent

Laatste dag Track: een terugblik

Het SMAK richt eigen grafzerk op.We maakten op deze uitzonderlijk zachte nazomerdag een wandeling in de stad en zagen er niet alleen zeer veel fietsers vanwege de autovrije dag, maar ook veel mensen die op deze slotdag van Track nog snel enkele kunstinstallaties bezochten. Ik schreef al over dit Gentse kunsttraject in april, toen de eerste kunstwerken – waaronder de grafzerken in het Citadelpark – pas in opbouw waren. Intussen hebben we Track wel bezocht, maar was het er nog niet van gekomen om hier een verslagje te posten. Bij deze dus een terugblik, of een kleine greep uit wat je gemist hebt…

Mijn favoriet van Track is de boekgaard (‘Bookyards‘) van Massimo Bartolini. Ten eerste bevindt deze installatie zich in de toch al zeer mooie tuin (met wijngaard) van de Sint-Pietersabdij. Ten tweede is het een installatie met boeken. Ten derde mag je deze boeken ook ter plaatse te lezen of zelfs mee naar huis nemen, op voorwaarde dat je een gift doet ten voordele van het Centrum voor Basiseducatie: het is dus ook een sociaal project. Minder fraai is natuurlijk het idee dat al deze weerloze boeken in weer en wind buiten moeten slapen. Tja, je moet er iets voor over hebben, natuurlijk, voor de kunst.

Boekengaard.

Boekgaard. Linksboven: eerste zicht op het kunstwerk als je de tuin betreedt. Rechtsboven: deze spin is tevens een boekenwurm. Linksonder: de aanplanting van de wijngaard gaat naadloos over in de rijen boekenkasten. Rechtsonder: snuisteren tussen de titels.

Het Track-traject bestaat deels uit haltes die vrij te bezoeken zijn en deels uit installaties waarvoor je een rittenkaart moet hebben. Eigenlijk leek het gratis deel mij wel voldoende als cultuurparticipatie op een doorsnee zondagmiddag, maar natuurlijk was ik wél nieuwsgierig naar wat er zich achter de gesloten deuren bevond. De oplossing was snel gevonden: ik gaf gewoon mijn fototoestel mee aan Danny op de dag dat hij, als UGent-personeelslid, gratis toegang had tot hele traject. Dit leverde onder andere volgend plaatje op:

Halte van Track in de Sint-Pietersabdij.

Halte van Track in de Sint-Pietersabdij, kunstzinnig vastgelegd door Danny.

De prijs voor de meest in het oog springende installatie gaat naar ‘Hotel Gent’: de tijdelijke hotelkamer die rond de klok van de toren aan het Sint-Pietersstation is gebouwd. Elke avond komen er nieuwe hotelgasten aan met hun koffertje om er één keer te overnachten. De kamer is enkel toegankelijk via de trappen van een stelling: er is geen lift en room service zal er ook wel niet zijn. Overdag kunnen andere mensen (met rittenkaart) de kamer bezichtigen en natuurlijk van het uitzicht genieten.

Hotel Gent.

Hotel Gent. Linksboven: bovenaan de stelling sta je oog in oog met een gargouille. Rechtsboven: binnen de context van een hotelkamer is zo’n stationsklok natuurlijk een gigantisch object. Beneden: uitzicht over het Koningin Maria-Hendrikaplein vóór het station, met aan de horizon de torens van het centrum van Gent.

Morgen is Track gedaan en kunnen de kunstwerken dus worden afgebroken. Ik vraag me wel af hoe snel dit allemaal zal gaan: ik vond ‘Hotel Gent’ een origineel project, maar het is wel zo handig om de stationsklok weer vanaf de grond te kunnen zien: als je gehaast uit de tram stapt, wil je meteen weten of het nog zin heeft om een laatste sprintje in te zetten om zo je trein nog te halen. En laat iemand die boeken uit de boekgaard snel ergens beschut binnen zetten. Voor het echt herfst wordt, alsjeblieft.

Vaarwel juli, welkom augustus (met regenbogen)

Met zo'n bril ben je meteen in vakantiestemming - tot je in je agenda kijkt...Ik gebruik een schoolagenda om mijn werk te plannen en dus wissel ik bij deze overgang van juli naar augustus ook van boekje. Het vorige stond tot de laatste dag helemaal vol gekriebeld. Sommige blaadjes waren overplakt met post-its om nog meer te kunnen inplannen op één dag. Ik weet nog dat het lente was en dat ik dacht over wat ik deze zomer allemaal zou kunnen doen, omdat ik dan zeeën van tijd zou hebben. Nu juli voorbij is, kan ik officieel melden dat “zomerrust” weer een illusie is gebleken. Ook in juli was mijn agenda een dubbeldekker.

Juli was een drukke maand. Eerst deden we nog even of het vakantie was door naar Rome te gaan, maar de rest van de maand was meer dan goed gevuld met werken aan verschillende projecten. Om je een idee te geven van hoe uiteenlopend mijn onderzoek wel is: er is een project bij over kleuren, een aantal deelprojecten rond minuscule kansen, één over boommodellen voor indeterministische tijdevolutie, …

Juli was de maand waarin mijn favoriete dichter overleed. Het was ook de maand waarin CERN spannend nieuws bracht over het Higgs-boson, maar – naar goede gewoonte – was ik niet thuis. ;-) Volgens Nature News zijn de artikels van ATLAS en CMS ingediend bij het wetenschappelijke tijdschrift Physics Letters B. Intussen staan de artikels (van ATLAS en CMS) online op arXiv en is het dus nog even wachten op de uitkomst van de peer review.

Verder was juli een maand van bang afwachten en uiteindelijk een vreugdedansje bij het goede nieuws. Gelukkig was het op dat moment net tien dagen feest hier in Gent, zodat we het meteen op gepaste wijze konden vieren (bij MiramirO en bij de Puppetbuskers).

Augustus belooft al niet veel beter te worden: er zijn al de lopende projecten, ik ga een lezing geven op een congres in Bristol en een tutorial op een zomerschool in Groningen. Het zou dus kunnen dat het hier even wat stiller wordt. Denk dan maar dat ik op vakantie ben – dat lijkt me wel een mooie illusie.

Om die mogelijke leegte toch enigszins te compenseren, post ik nog twee plaatjes van “regenbogen”: eerst een foto die ik zelf maakte van een fonteinboog (deze keer niet in München) en dan een watervalboog uit het Yosemite National Park in Californië, waarbij dank aan Tim voor de link!

Fonteinboog

Het waarnemen van regenbogen aan een fontein heeft tal van voordelen: je moet er niet voor in de regen staan en je kunt verschillende delen van de boog bekijken door rond de fontein te wandelen.

Watervalboog

Bij een regenboog die ontstaat door regenval of in fontein zie je de boog steeds van onderaf. Dat is wel anders bij een watervalboog. Zou je de boog onder deze hoek inderdaad zo breed kunnen zien?! (Bron afbeelding: Picture of the day, 17 July 2012, The Telegraph; link via Tim.)

Internationaal Puppetbuskersfestival 2012: terugblik met foto’s

Wanneer de beroemde marionet Pulcinella overlijdt, gaan alle poppen aan het dansen.Zoals beloofd in mijn terugblik op de voorbije Gentse Feesten, doe ik ook een nabeschouwing van het poppentheater op het Internationale Puppetbuskersfestival. Voor poppentheater moet je tijdens de Gentse Feesten in het Patershol zijn, want daar ligt het Europese Figurentheatercentrum (EFTC). Wij kochten een kaartje voor de binnenkoer aan de Trommelstraat en zagen er onder andere: Elvis, l’explorateur” van Compagnie Ki (bevreemdend), Trogloditas” van Tanxarina (drie drukke Spaanse rotsbewoners in zeer levensechte outfits en decor, die – helaas – zelf meer plezier hebben met hun act dan het publiek) en Humpty Dumpty” van Drolatic Industry (visueel zeer mooi en technisch waarschijnlijk de moeilijkste voorstelling die we zagen, maar – helaas – ook niet erg meeslepend).

Op een andere, regenachtige dag zagen we in winkelcentrum Zuid de poëtische voorstelling “La vieille et l’oiseau” van La Compagnie Imaginaire.

Puppetbuskersfestival 2012.

Puppetbuskersfestival 2012. Linksboven: “Humpty Dumpty” van Drolatic Industry. Rechtsboven: “Trogloditas” van Tanxarina. Linksonder: “La vieille et l’oiseau” van La Compagnie Imaginaire. Rechtsonder: “Elvis, l’explorateur” van Compagnie Ki.

Onze favoriete voorstelling op het Puppetbuskersfestival was Citizen P” van La Mandale, het Waalse duo (of beter gezegd: Frans-Belgisch-Italiaanse duo) bestaande uit Silvia Di Placido en Hugo Quérouil. Het is een moordmysterie met een hoog tempo vol humor. Wanneer de beroemde marionet Pulcinella overlijdt, gaan alle poppen aan het dansen… Pulcinella is “Citizen P” uit de titel, die verwijst naar de film “Citizen Kane“. Pulcinella’s laatste woorden (“Rosbif!“) roepen grote vragen op, die enkel beantwoord kunnen worden (of niet?!) door middel van een reconstructie van zijn leven en dood. De poppenspelers spelen zowel in onder als naast hun poppenkast, waarin ze zich om de haverklap verkleden om zo van rol en stemming te veranderen. (Zie hier en ook hier voor verslagjes met foto’s.)

La Mandale.

La Mandale. Boven: Danny steekt een handje toe tijdens de voorstelling. Onder: Prijsuitreiking van de Luk Vincentprijs 2012. Het duo van La Mandale tussen jurylid Donald Hendrickx (links), EFTC-voorzitter Freddy Claeys (achteraan links) en feestenburgemeester Lieven Decaluwé (rechts).

Er was tijdens “Citizen P” een mooi rolletje weggelegd voor Danny en ik kreeg naar mijn voeten omdat ik hem niet geleerd had sneller de was af te nemen… Wij waren dan ook helemaal niet verrast toen de winnaar van de Luk Vincentprijs bekend werd gemaakt: die prijs ging dit jaar geheel terecht naar het duo van La Mandale.

En Danny kan op zijn CV zetten: “participation in award winning show“. :-)

Gentse Feesten en MiramirO 2012: terugblik met foto’s

Straf straattheater op de Gentse Feesten 2012.Ook dit jaar pikten wij tijdens de Feesten al eens een optreden mee op de Gentse pleinen of een straattheatervoorstelling van MiramirO en natuurlijk waren we present voor het vuurwerk op 21 juli aan de Watersportbaan. Hoewel de zon pas tijdens het laatste weekend van de tiendaagse van de partij was, heb ik toch heel wat mooie foto’s teruggevonden op het geheugenkaartje van mijn camera. Hier dus een terugblik op de Gentse Feesten 2012. (In een aparte post doe ik straks nog verslag van het poppentheater op het Internationale Puppetbuskersfestival.)

Het eerste optreden dat we dit jaar zagen was van Eva De Roovere op het Sint-Baafsplein. Hoewel het stuk voor stuk mooie liedjes waren, werd er meer gebabbeld dan geluisterd om ons heen. Het was misschien ook niet zo’n strategische keuze om liedjes over de Antwerpse Boerentoren te staan zingen op een plein tussen twee Gentse torens (Belfort en Sint-Baafs). ;-) Zodra “Slaap lekker ding” weerklonk, leek eindelijk iedereen wakker te worden (o, ironie) en werd er enthousiast meegezongen. Hieronder zie je een foto die ik maakte tijdens haar soundcheck; foto’s van tijdens het optreden zelf vind je hier.

Gentse Feesten 2012.

Gentse Feesten 2012. Linksboven: Eva De Roovere. Rechtsboven: Piv Huvluv. Linksonder: Argentijnse straatacrobaten. Rechtsonder: Mr. Pettersen & goudvis.

Piv Huvluv durfde het aan om de Korenmarkt op te warmen met zijn stand-up comedy. Zijn vorige carrière als leerkracht op de lagere school zorgt nog steeds voor voldoende inspiratie. Hij vertrok van heel alledaagse situaties, die net zo goed over onze eigen schooltijd konden gaan (toch al even geleden) en ik heb tot tranen toe moeten lachen. De toekomstdromen van de brutale kinderen op de eerste rij werden genadeloos de kop ingedrukt. Er werd al eens een vinylplaatje opgelegd en hij sloot af met zijn liedje tegen zinloos geweld (lees: vóór zinvol geweld) met als refrein: “klop-klop-kloppen op de directeur” (een vrije interpretatie dus van Bob Dylan’s “Knockin’ on Heaven’s Door“). Daarna was er nog een bis-nummer op accordeon: een tranentrekker over een dood konijntje. Het is altijd lachen met West-Vlamingen in Gent, maar met Piv kon dat eindelijk openlijk.

Tijdens de Feesten komen er ook altijd straatartiesten naar Gent die niet bij één of ander festival onder contract staan. De Belfortstraat is een goede plaats om hen aan het werk te zien. We blijven niet meer staan bij die goochelaar die al minstens drie jaar rondtoert met dezelfde act, maar voor nieuwe dingen leggen we al eens geld in de hoed. Dit jaar zagen we een try-out van een Argentijns koppel. Hoewel het (nog?) geen mooi opgebouwde show was, waren we toch onder de indruk van zoveel kracht en souplesse.

Bij Sint-Jacobs gingen we kijken naar Mr. Pettersen & Mr. Lebreton (wel opgenomen in het programma van MiramirO). Het bleek echter dat Mr. Lebreton gekewetst was en dat hij niet zijn kat had gestuurd, maar een goudvis. Zo kregen we toch een show met acrobatie op de slappe koord van Mr. Pettersen en een visbokaal.

Op weg naar dit optreden vingen we een glimp op van de geïmproviseerde dansvoorstelling “Le parfum des pneus“; achteraf hoorden we dat de dansers later nog zijn opgepakt door de politie omdat ze verkeersborden hadden verplaatst! Naast een strafblad houden deze artiesten trouwens ook 5000 € over aan hun bezoek aan Gent, want zij hebben De Grote Prijs MiramirO gewonnen. En de politieagenten kregen een eervolle vermelding van de jury. :-)

The Gaiety Engine.

Strangelings spelen “The Gaiety Engine“. Boven: Fakirtje pesten. Onder: Kan de sterkste man ter wereld deze bokaal augurken openen?

Onze favoriet van MiramirO dit jaar was de voorstelling “The Gaiety Engine” van het Britse duo Strangelings, die we zagen op de Korenmarkt. (Zoekplaatje: op de foto’s bij GentBlogt zie je mij in het publiek staan.) De twee vreemde figuren – Isaiah Crank en Tolley-boy – lijken uit een andere tijd en misschien wel uit een ander universum te komen. Het uitgangspunt – een Victoriaans rariteitenkabinet – is een dankbare kapstok om een hele reeks mini-acts aan op te hangen. Mij deed de voorstelling denken aan een toverbal, waarbij je geen idee hebt wat de volgende kleur zal zijn. Visueel heel mooi, inhoudelijk verrassend en onweerstaanbaar grappig. Kortom, straattheater op zijn best!

De Propere Fanfare van de Vieze Gasten.

De Propere Fanfare van de Vieze Gasten.

Onder het afdak voor het Sint-Pietersstation zagen we nog een act uit het MiramirO-programma: De Propere Fanfare van de Vieze Gasten. Het is een grote bende waar je niet snel bij uitgekeken raakt. Iedereen heeft een andere outfit: van de man onder de vergiethoed met zijn cimbalen tot het Sinterklaasmeisje met haar gitaar. Er is het inwonende showballet. Er zijn de veranderende formaties. En er is natuurlijk de wervelende muziek, die aanhoudend wordt opzweept door de energieke dirigent.

Ze zijn een uur blijven spelen, tot de zon zo zot was dat ze opkwam in het Westen!

Midzomervertellingen

Gisteren vond in het Citadelpark de zesde editie van Midzomervertellingen plaats.

Wij gingen vorig jaar al luisteren naar het avondprogramma. We nestelden ons toen op de kunstrotsen rond het voormalige van Bastion 5, onder de honingboom. Daar waanden we ons in een ver verleden zonder televisie, waarin mensen elkaar straffe verhalen vertellen om de lange zomeravonden aangenaam door te brengen. Er hoorden ook een wijntje of fruitsap van Oxfam bij, een kaasje en wat olijven. (Wonderlijk genereus voor een gratis evenement!) Ik herinner me een jaar later nog steeds het prachtige verhaal over de zoon van een herder die elders zijn geluk zocht en de mythische vertelling over waar kinderen vandaan komen.

Midzomervertellingen in het Citadelpark, editie 2011.

Midzomervertellingen in het Citadelpark, editie 2011

Dit jaar waren we weer van de partij, deze keer aan de voet van de rotspartij. Er waren nu ook tenten voorzien, wat geen overbodige luxe bleek vanwege de regen tijdens het namiddagprogramma. ’s Avonds klaarde het echter op en zo konden we in openlucht – onder het dak zonder pannen – luisteren naar de Grimm-sprookjes voor volwassenen. Het gras was natuurlijk nog nat, maar iedereen kon droog zitten op het plastic zeil, op de roze picknickbanken, of op zelf meegebrachte klapstoeltjes. Er waren ook weer drankjes en hapjes voorzien. Ideale omstandigheden dus om te luisteren naar drie vertellers – Frank Degruyter, Hilde Rogge en Don Fabulist -, die elk twee verhalen brachten.

Voor de pauze hoorden we over Griet en Hansje (in een soort Neder-Duits), over de ongelukkige zoon van de koning en over enkele xenotransplantaties… Na de pauze luisterden we naar het verhaal van de gans van Hans (een soort zwaan-kleef-aan met extra tongbrekers voor West-Vlamingen), Blauwkapje en de vegetarische wolf, het sprookje van de drie wensen en het lied van de gehangene in het Bargoens. Als afsluiter kregen we van Frank nog een levendige vertolking van Roodkapje in de versie van Roald Dahl, intussen zelf een terechte klassieker.

Midzomervertellingen in het Citadelpark, editie 2012.

Midzomervertellingen in het Citadelpark, editie 2012

Het was een zeer mooie avond en we hopen dan ook dat de Midzomervertellingen nog vele zomers mogen doorgaan.

P.S.: Vandaag voegde ik ook foto’s toe bij twee eerdere blogberichten (van de lezing in Amsterdam en het interview in Hilversum).

Het SMAK verklaart musea dood

Het SMAK richt eigen grafzerk op.In de grasveldjes van het Citadelpark staan er sinds eind vorige week enkele grafzerken – een vreemd gezicht. Zijn de gemeentelijke begraafplaatsen overbezet en wordt er daarom naar het park uitgeweken? Er liggen nog stenen opgestapeld en met touwtjes zijn de nieuwe rijen rustplaatsen al aangegeven. Passerende studenten en wandelaars blijven vertwijfeld staan. Valt Halloween uitzonderlijk vroeg dit jaar?

Er staan namen op de stenen, maar niet van overleden mensen, wel van een hele rits internationale musea. Op één steen prijkt het logo van het SMAK, wat duidelijk maakt dat we hier een project-in-aanbouw zien van het Stedelijk Museum voor Actuele Kunsten, dat ook in het park ligt.

Op 12 mei begint TRACK, een internationaal kunstproject op verschillende locaties in Gent. Boven de ingang van het SMAK zijn de letters tijdelijk vervangen door “TRACK”. Er begint iets te borrelen, we zijn benieuwd!

Grafzerken in het park.

De voorbereidingen voor TRACK, de stadstentoonstelling van het SMAK zijn volop bezig. (Rechts van de vlaggen staat het beeld “De man die de wolken meet” van Jan Fabre.)

Volgens punt 8 van het manifest gaat TRACK “op zoek naar de veelzijdige identiteit van een plek en legt [het] onverwachte, verrassende, vergeten en nieuwe invalshoeken, inzichten en perspectieven bloot over de kunst en de tijd waarin we leven.” Met andere woorden: zet wat grafzerken in een park en kijk of mensen er vanzelf stiller gaan praten en of ze hun hond nog op gras laten plassen.

Het museum is dood. Lang leve het museum.

Aanvulling (27 april 2012):

Meer uitleg over Leo Copers, de kunstenaar die de grafstenen installeerde, vind je op gentblogt.be.

Heksje met bezempech

Lente in de grot van Plato: schaduw van narcissen.Maart was een blogluwe maand en dat probeer ik op deze laatste dag nog enigszins goed te maken een beetje cultuur en enkele lentefoto’s.

We trapten deze maand af met de ANIMA-nacht in Gent, waarbij de kortfilms van het Internationaal Filmfestival voor de animatiefilm in Brussel ook in de Sphinx worden vertoond. Het was een zeer mooie selectie in drie gangen van ontroerende (Der Kleine und das Biest, winnaar van Cartoon d’Or), dromerige (Luminaris) en ronduit hilarische (Flamingo Pride) animatiefilms van een halve minuut tot een half uur. Helaas werd de magie wel verstoord door het haperend geluid. De films werden afgespeeld vanop een DVD en blijkbaar kon de installatie de hoge resolutie van sommige kortfilms niet aan, waardoor de soundtrack herleid werd tot een vreselijk gepiep. Ook de vertoning van “Het Monster van Nix“, dat dé grote afsluiter had moeten worden, werd hierdoor verstoord. Uiteindelijk (ongeveer in de helft van de film) werd het probleem verholpen door een versie met lagere resolutie te starten, maar op dat moment had de helft van de ANIMA-gangers het al voor bekeken gehouden. Volgens de Sphinx-website: “Oorzaak bleek na lang zoeken een defecte stekkerdoos te zijn die zorgde voor stroomuitvallen.”

Succesvoller verliep ons bezoek aan het Museum voor Schone Kunsten (MSK Gent), dat op zondagvoormiddag gratis toegankelijk is voor Gentenaars. De tijdelijke tentoonstelling verzamelt werken van de Engelse schilder Ford Madox Brown en is met zijn combinatie van frisse kleuren en excentrieke taferelen zeker een bezoekje waard! Naast zijn meesterwerk “Work“, een ode aan de arbeidsklasse waaraan hij meer dan tien jaar schilderde, worden er veel voorstudies getoond. Dit laat toe om te zien hoe Brown de compositie geleidelijk veranderde, waardoor zijn doek steeds levendiger werd. Tijdens ons bezoek werd een deel van de vaste tentoonstelling heropgebouwd, dus een weerzien met twee van mijn favoriete doeken zal voor een ander keertje zijn.

Op zoek naar het geluk met Maurice Maeterlinck.Een tijdje geleden gingen we ook naar de tentoonstelling over L’Oiseau Bleu van Maurice Maeterlinck, die nog tot 22 april te bezichten is in de Sint-Pietersabdij. Wij kenden het sprookje nog niet, maar dat is geen bezwaar: in het centrale deel van de tentoonstelling krijg je via een koptelefoon een ingekorte versie van het sprookje te horen, terwijl je door een aangepaste omgeving loopt, waarvan het ontwerp gebaseerd is op decorstukken van diverse theaterbewerkingen van het verhaal.

Helaas mochten er van de tentoonstelling zelf geen foto’s gemaakt worden, dus het enige plaatje dat ik hier kan plaatsen is van het spandoek boven de ingang. Op het geheugenkaartje vond ik wel nog volgende maartse foto’s terug:

Linksboven: Begin maart zagen we een heksje met bezempech: ze moest noodgedwongen op de fiets en heeft haar bezem dan maar onder de snelbinder gestoken. De foto is gemaakt vanuit een rijdende auto, dus helaas een beetje wazig. (Wees gerust, ik zat niet zelf aan het stuur.) Ik vind deze foto wel symbolisch voor deze maand, waarin ik zelf ook niet zo veel bijeengehekst kreeg als anders. ;-)

Maart 2012 in vier beelden.

Maart 2012 in vier beelden.

In maart begon natuurlijk ook de lente, vrij overtuigend zelfs, met heel veel zon. We deden ons eerste terrasje van het jaar en aten ons eerste ijsje bij Nonno. Het is dus officieel: de winter is voorbij.

Rechtsboven: Iemand heeft de cyclopenboom in het park van een bijpassende glimlach voorzien.

Linksonder: Witte ganzenmoeder toont trots haar gele kuiken.

Rechtsonder: En ook de bomen bloeien open. Het is natuurlijk veel mooier in het echt, maar ik heb toch een foto gemaakt van deze magnolia-variant, want de bloei duurt maar enkele dagen.

Vanavond sluiten we de maand af zoals we hem begonnen zijn, met een filmpje: The Hunger Games. Zevende kunst, hype, of puur amusement? Dat zullen we straks zien.

Aanvulling (8 april 2012):

Via Google Art Project kun je thuis enkele werken van Ford Madox Brown bekijken. Je kunt ook inzoomen en zo meer details zien dan in eender welk museum mogelijk is.

Sprokkelmaand

In het STAM staat dit schaalmodel in witte Lego-blokjes van het Belfort.In een maand passen hoogstens 10 blogdagen (maandagen en woensdagen). Deze optimale situatie doet zich voor als de maand eenendertig dagen telt en als bovendien de eerste van die maand op een maandag valt. Februari 2012 deed het bijna even goed: met de extra schrikkeldag en startend op een woensdag wist deze korte maand toch 9 blogdagen in zich te vergaren. Maart 2012 is op dit vlak dan weer een kneusje: het is weliswaar een maand van eenendertig dagen, maar de eerste viel op een donderdag en zo pasten er maar 8 blogdagen in. Bovendien heb ik door omstandigheden deze maand een paar vaste blogafspraken moeten overslaan.

Om de teller voor maart toch nog een beetje op te krikken, heb ik het geheugenkaartje van mijn trouwe camera nog eens geplunderd, op zoek naar last minute blogideetjes. Dat viel mee: blijkbaar heb ik vorige maand ook nog een paar mooie blogmomenten over het hoofd gezien, dus we starten met de bijeengesprokkelde herinneringen aan de sprokkelmaand februari.

Linksboven: Begin februari begonnen mijn lessen in Groningen. Dat was op het hoogtepunt van de koudegolf: de Elfstedenkoorts hield Nederland in de ban en ik zag op het Verbindingskanaal voor het station veel enthousiaste schaatsers.

Rechtsboven: Later die maand, op 24 februari, organiseerde de Universiteit Gent de eerste Nacht van de Universitaire musea. Wij namen een kijkje in Het Pand dat maar liefst vier musea blijkt te huisvesten achter binnendeuren die anders gesloten blijven: van Egyptische en Romeinse vondsten, over etnografische kunst, tot medische preparaten – lugubere rariteiten zoals een doodgeboren mensenkind op sterk water. Ook de bibliotheekzaal met zeer oude boeken spreekt tot de verbeelding. In het Imaginair Museum, dat altijd vrij toegankelijk is, raakte ik nog maar eens gefascineerd door de reproducties van schilderijen van Hiëronymus Bosch; dit keer viel mijn oog op een vrouw met een dobbelsteen op haar hoofd: een detail onderaan in het rechterluik (de hel) van de Tuin der Lusten. Hopelijk betekent deze voorstelling niet dat kansrekening des duivels is; vermoedelijk symboliseert het de gevaren van gokken. Het is niet alleen een vreemd schilderij, maar ook  een vreemde dobbelsteen: twee zijden ervan lijken vier ogen te hebben.

Februari 2012 in vier beelden.

Februari 2012 in vier beelden: schaatsers in Groningen, detail van een Bosch-reproductie in Gent, het STAM en de muren van de stad.

Linksonder: Februari is ook die maand van die feestdag met die hartjes. Om te vieren dat we in februari vijf jaar samen waren, namen we een heel weekend vrij (uitzonderlijk) en trakteerden we onszelf onder andere op een bezoekje aan het STAdsMuseum (STAM). Mits het dragen van cleanroom-achtige overschoenen mochten we daar over Gent lopen. Daarna kregen we een overzicht van de rijke geschiedenis van de stad. Je kunt het huidige stadsplan met oude kaarten vergelijken, veel mooie perkamenten bewonderen, maar ook reclameaffiches uit een iets recenter verleden. De tentoonstelling eindigt speels met schaalmodellen van de bekendste Gentse torens in witte Lego-blokjes, natuurlijk van de hand van Dirk Denoyelle. Voor wie het zelf eens wil proberen: er staat een grote bak witte steentjes klaar.

Rechtsonder: Na onze reis door de tijd kwamen we weer buiten in het hedendaagse Gent. Gelukkig blijkt dat de stad nog steeds springlevend is, zoals onder meer te zien is aan de veelheid aan (stencil-) graffiti. Al heb ik met het “Zorgzame spitstechnologie”-motief misschien een slecht voorbeeld gekozen, want dit gaat minstens terug tot het jaar 2003. Word ik stilaan te oud om de hartslag van deze eeuwig jonge stad te voelen, of wordt het tijd dat de straatartiesten met iets nieuws op de proppen komen? Ik stel voor dat ze eens passeren in Het Pand en bij Bosch wat inspiratie opdoen. ;-)

Welkom in de toekomst

Welkom in de toekomst. In 2012 kun je lesgeven vanop 200 km afstandGisteren heb ik helaas een vaste blogafspraak gemist: ik moet  minstens een week rusten met een zere rug en probeer mijn uren aan de computer te beperken. Een ander gevolg is dat ik vandaag ook niet in Groningen kon geraken en dat terwijl mijn lessenreeks over filosofie van de kansrekening in volle gang is. Vandaag stond de subjectieve interpretatie van waarschijnlijkheid op het programma, waarbij waarschijnlijkheden geïdentificeerd worden met overtuigingsgraden. Die is toch echt te belangrijk om over te slaan.

Gelukkig kan daar anno 2012 een mouw aan gepast worden: vandaag heb ik voor het eerst les gegeven in absentia, via Skype. (Ook handig om goedkoop mee te bellen, zeker als je veel reist.) Mijn studenten zaten in de collegezaal in Groningen, terwijl ik thuis zat in Gent. Dat is in vogelvlucht een afstand van 200 km afstand, maar in principe zou je zo ook les kunnen geven vanuit Europa aan studenten in de Verenigde Staten of Japan. Dat klinkt toch futuristisch, of niet? Voor deze oplossing heb je – naast een stabiele internetverbinding – natuurlijk lieve collega’s nodig die ter plaatse paraat staan om er hun laptop aan te sluiten op de projector en de luidsprekers. Mijn dank gaat uit naar Karolina die op voorhand tijd maakte om de geluids- en beeldkwaliteit te testen en aan Hauke voor de technische ondersteuning daarbij.

We sloten voor de zekerheid onze computers aan via een internetkabel, want dat is toch nog altijd sneller en stabieler is dan een draadloze verbinding. Technisch verliep het dus allemaal vlot. Of het geluid in de klas ook ideaal was betwijfel ik, maar dat zou aan mijn microfoon kunnen liggen. Het is in het begin wel wat onwenning om vanuit je living les te zitten geven, maar dat verdwijnt na enkele minuten. Met Skype kun je trouwens je hele beeldscherm delen, dus als ik hier mijn diapresentatie opzette, konden ze dat in Groningen meevolgen. Uiteindelijk was het bijna zoals zelf voor de klas staan: ik kon iedereen prima horen en de meerderheid van de mensen in het leslokaal zien. Als er buiten beeld iemand wou reageren dan draaide Karolina gewoon haar laptop met webcam en zo kon ik altijd meevolgen.

Op een congres hou je eerst je praatje en worden er pas daarna vragen gesteld via een moderator. Er is dan weinig toegevoegde waarde aan fysieke aanwezigheid (tenzij je met collega’s op stap wil gaan achteraf, uiteraard). Voor een congrespresentatie zou ik in het vervolg gerust voor Skype willen opteren, als die mogelijkheid voorzien wordt. Voor een les is het echter veel prettiger om ook tussendoor discussies te kunnen voeren en dat gaat ter plaatse nog altijd iets vlotter.

Conclusie: ik ben blij dat de lezing op deze manier toch heb kunnen geven vandaag, maar ik hoop er over twee weken gewoon weer zelf te kunnen staan.

In 2012 blijft de medische handscanner (tricorder) van Dr. Beverly Crusher uit Star Trek helaas toekomstmuziek.

In deze toekomst kunnen mensen dus gewoon werken terwijl ze ziek thuis zijn. Hm, als ik het zo vertel, is dat precies toch niet zo’n goed nieuws. ;-)

Als ze nu nog werk zouden maken van die handscanners zoals op de ziekenboeg van Star Trek (even over de zere plek hoveren en ’t is genezen) dan gaat dat nog helemaal goed komen met de toekomst!

Nanodraden op het Gravensteen

Als de donjon van het Gravensteen tien miljard keer kleiner was, dan paste er net een nanodraad in.Gisteren was de eerste avond van het Lichtfestival in Gent. Er waren veel mooie dingen te zien en dan hebben we nog niet eens alle locaties bezocht. Als je de kans hebt om komend weekend een avond in het centrum van Gent rond te wandelen: zeker doen! (Hier vind je de pdf met de wandelroute.) Aan de Korenmarkt kun je het oude postgebouw tot leven zien komen (filmpje). De Sint-Jacobskerk verandert in een gigantische kaleidoscoop, waarbij je zelf voor de patronen kan zorgen. Aan de Vrijdagsmarkt is er een leuke optische illusie met een stuk graffiti: “Interstices in a synaptic space” van Afterlight. Door schaduwen toe te voegen lijkt de vlakke lijntekening drie-dimensionaal te worden (filmpje). Voor mij werkte het effect beter dan eender welke 3D-film die ik ooit gezien heb (en je hoeft er niet eens zo’n vervelende bril voor op).

De stad Gent had op voorhand een oproep gedaan aan haar inwoners om de donjon (de centrale woontoren) van het Gravensteen van nieuwe muren te voorzien. Je kon drie kanten van het gebouw inkleuren op papier of digitaal een ontwerp insturen; dit zou dan tijdens het Lichtfestival op de muren geprojecteerd worden. Danny gebruikte zijn berekeningen aan nanodraden om een ontwerp te maken. Zo komt het dat er tussen de vrolijke kindertekeningen deze dagen ook een beetje fysica te zien is op het Gravensteen. De nanodraden zijn regelmatige, lijnvormige structuren die aan het oppervlak van germanium onstaan door de aanwezigheid van platina. Om computers steeds sneller te maken, zijn er steeds kleinere chips nodig, waarop er meer schakelingen passen. Deze nanodraden zijn slechts één atoom breed en zijn dus de ultieme stap naar miniaturisatie in de elektronica. Eenvoudig gezegd dient het onderzoek naar nanodraden er dus voor om ervoor te zorgen dat de volgende generatie laptops weer kleiner en sneller kan zijn dan de huidige. Dat er onderweg een hoop kwantummechanica en weken rekentijd op een supercomputer aan te pas komen om de experimenteel gevonden resultaten theoretisch te verklaren, maakt het onderzoek des te uitdagender.

Een nanometer is een miljoenste van een millimeter of een miljardste van een meter. Aangezien nanodraden zelfs iets minder dan een nanometer breed zijn, zijn ze dus onzichtbaar voor het blote oog. Ze zijn zelfs te klein om door een gewone lichtmicroscoop zichtbaar gemaakt te worden. Nanodraden kunnen wel in beeld worden gebracht met een rastertunnelmicroscoop (STM). Als je een stukje germanium met nanodraden ongeveer tien miljard keer zou kunnen uitvergroten, dan zouden het zo groot zijn als de donjon van het Gravensteen. Het voordeel van theoretische berekeningen van nanostructuren is dat je de resultaten visueel kunt voorstellen en dat je die plaatjes onder eender welke hoek kunt bekijken, de kleuren kunt aanpassen en ze zo groot kunt maken als je zelf wil. Als je zelf wil zien hoe een tien miljard keer vergrote nanodraad op een germaniumoppervlak eruit ziet, dan kun je nog tot zondagavond een kijkje gaan nemen. Hier alvast een voorsmaakje:

Gravensteen met nanodraden.

Boven twee foto's van de geprojecteerde nanodraden op de donjon van het Gravensteen. Beneden een miniatuurversie van de ontwerptekening.

Wij gaan vanavond de andere locaties nog verkennen. Misschien tot ziens op het Lichtfestival.

Aanvulling:

Meer foto’s van het festival kun je zien bij het verslag op gentblogt.be. De nanodraden op het Gravensteen vind je hier in een betere resolutie: foto 1 en foto 2.