Tag Archief: plezier

ULTRAFUN, with a holistic puff

De afgelopen tijd loop ik vaak tegen de frustrerende blog-paradox aan: van veel verschillende dingen doen krijg je inspiratie, maar je hebt haast geen tijd om er iets mee te doen.

Daarom een fragmentarische update over de voorbije maanden, geschreven op de trein tussen Groningen en Gent, in de geheel onhippe vorm van enkele wist-je-datjes.

Wist je dat…
– er al maanden een bestand op mijn bureaublad staat dat “ULTRAFUN” heet?
– dit niet de hele bestandsnaam is, maar het eigenlijk ULTRAFUNCTIONS_40.pdf is?

– de zin “Kennis krijgt een holistisch trekje” volgens Google Translate naar het Engels te vertalen is als: “Knowledge will gain a holistic puff“? :-D

– ons zoontje twee maanden geleden al de eerste brief kreeg van een school die hem graag wil inschrijven?
– ze het over het eerste middelbaar hadden? :-)
– wij niet wisten dat het zó erg was met die wachtlijsten?! :-O

– ik onlangs een e-mail kreeg van een heuse morosoof?
– dit na twee jaar in dienst van een filosofische faculteit hoog tijd werd?
– deze meneer een theorie verdedigt waarin het Nederlands herleid wordt tot het gekwaak van kikkers?

– ik niet antwoord op e-mails die gericht zijn aan “Geachte heer Wenmackers”?
– voorgaande opmerking niet gerelateerd is aan het bericht van de morosoof?
– deze aanhef wel afkomstig is van iemand die met veel vragen lijkt te zitten over het universum en waarnemers en waarschijnlijkheid?
– ik stiekem toch sympathie koester voor mensen die wiskunde consequent ‘mathematica’ noemen?

– Danny wist te melden dat zijn stresstensor weer in gang is geschoten?
– dit goed nieuws is?
– onze gesprekken als maar bizarrer worden?

En nu terug aan het werk, verdorie!

Er ging bij ons geen lampje branden op “De Lampadeire Quiz”

Dit lampje brandde wél op de 'Lampadeire Quiz'.Een handelsingenieur, een master in toerisme, een natuurkundige en een filosoof deden mee aan een quiz. Het zou het begin van een grap kunnen zijn. Hilarisch werd het alleszins.

Het was vrijdagavond en we gaven present op “De Lampadeire Quiz”, die georganiseerd werd door ouderraad “Het kersenpitje”. Onze ploeg bestond uit Wouter, Kristien, Danny en ik. We stonden er goed voor, dachten we: met Wouter hadden we een chef sport in huis, Kristien kent haar aardrijkskunde en Danny en ik onze wetenschappen. Gaandeweg werd echter duidelijk dat het hebben van zowel universitaire diploma’s als jonge kinderen in huis een gevaarlijke combinatie vormde. Desastreuze quizresultaten waren het gevolg. Die diploma’s zorgden ervoor dat we het systematisch veel te ver gingen zoeken. En die kinderen zijn de reden – of althans ons excuus – waarom niemand van ons up-to-date was met de actualiteit. (Ah ja, want tijdens het journaal van zeven uur hebben die kinderen honger, of moeten ze gaan slapen.)

Onze algemene kennis werd gewogen en te licht bevonden op de 'Lampadeire Quiz'.

Onze algemene kennis werd gewogen en te licht bevonden op de ‘Lampadeire Quiz’. Linksboven: streekbier (een “exporke”). Rechtsboven: onze prijs. Onder: onze tafel met bladen vol berekeningen.

Hieronder vijf vragen, waarbij we grotendeels grandioos de mist in gingen. Na de vouw zowel ons antwoord als het antwoord volgens de jury.

  1. Fotovraag. Zoek het verband tussen de vier afbeeldingen (je ziet het blad met de opgave ook op de foto hierboven):
    (1) de rode Teletubby (Po),  (2) een flesje Maes (vermoedelijk alcoholvrij, NA), (3) een CD-hoesje van Johnny Jordaan, (4) Fe.
  2. Van welk spreekwoord worden hier enkel de klinkers weergegeven:
    A ee oe ee o ee ee, oo e ee e ee ee.
  3. Welke letter hoort op de plaats van het vraagteken:
    W L H O D P V H ?
  4. Los deze droedel op:
    24h

    D
  5. Van welke bloem of plant wordt saffraan gemaakt?

(meer…)

Liefde voor wetenschappers & filosofen

Hartvormige pasta.Dit jaar startte mijn cursus precies op 14 februari. Hierdoor zag ik mijn vriend en zoontje met Valentijn enkel via Skype. Achteraf hielden we thuis wel nog een etentje met hartvormige pasta bij kaarslicht. (Dat kaarslicht was er vooral omdat de transformator van onze verlichting het begeven heeft, maar het was evengoed romantisch.)

Ook had ik – in tegenstelling tot vorig jaar – geen tijd voor een thematische blogpost rond Valentijn. Gelukkig is het vandaag nog steeds februari en dus officieel nog niet te laat voor een stukje met drie liefdevolle thema’s.

(1) Het aanzoek ♥

Brendan McMonigal en Christie Nelan leerden elkaar op 23 maart 2005 kennen aan de Universiteit van Sydney, waar ze beiden wis- en natuurkunde volgden. Na een maand werden ze een koppel. Vorig jaar, precies zeven jaar na hun eerste ontmoeting, deed Brendan een huwelijksaanzoek aan Christie. Hij had geen ring bij zich, maar wel een artikel. Hij vertelde zijn vriendin dat hij wat problemen had met dit artikel en vroeg of ze er eens naar wou kijken. Hij ging op één knie zitten om het artikel uit zijn rugzak te nemen en het aan haar te geven. Wat ze toen te lezen kreeg, was zijn aanzoek in de vorm van een (semi-)wetenschappelijke studie, met als titel: “Two Body Interactions: A Longitudinal Study“.

En ze heeft ‘ja’ gezegd.

Brendan en Christie zijn nu beiden 26 jaar; hij werkt aan een doctoraat over galactische halo’s, terwijl zij wetenschapscommunicator is bij Questacon (een wetenschapsmuseum in Canberra). Hun huwelijk zal dit jaar op 23 maart plaatsvinden, dus precies acht jaar na hun eerste ontmoeting, ergens onder een waterval en gevolgd door een picknick. Omdat nog niet alle genodigden het originele aanzoek hadden kunnen zien, besloot het koppel om Brendans artikel online te zetten op Reddit. Daar werd het meteen een grote hit: het werd meer dan een miljoen keer aangeklikt binnen één dag en telt nu meer dan duizend reacties.

Het aanzoek van een fysicus.

Het aanzoek van een fysicus. (Bron en volledige afbeelding: hier)

De achtergrondinformatie voor bovenstaand stukje komt uit een interview met Brendan McMonigal en dit artikel.

(2) De baby ♥

Voorgaand aanzoek deed me denken aan een geboorteaankondiging uit 2011, ook al in de vorm van een wetenschappelijk artikel. Dit is de volledige tekst:

Development and Production of Human Embryo with Cute Little Face

Ruben MK, Ruben AJ1

1Yes, I’m the second author

Abstract

Fun occurred. Gametes joined. Embryo grew; shirts stopped fitting; grandparents got excited. Overpopulation exacerbated.

Materials and Methods

An unknown volume of Aww Yeah was combined with an indeterminate mass of Damn Right (data not shown). The mixture was allowed to incubate at 37˚C for ~9 months, at which point 3.2 kg of biological material was obtained for use in further studies. The incubator converted immediately to a dairy.

Results

Baby.

Conclusion

Childbirth is fairly easy for men.

Discussion

Seriously, will you look at her little face? Isn’t it the cutest baby ever? Hang on, I’ve got some more pictures of her on my phone. Look! She’s yawning! And in this one, her eyes are open! And she’s wearing a hat! Wait, don’t walk away, you have to see this next batch (see Figures l to 182 and supplemental material online).

(3) Mogelijke meisjes ♥

Filosoof David Lewis schreef het boek “On the plurality of Worlds” (verschenen in 1986), waarin hij zijn standpunt over modaal realisme verdedigt: elke mogelijke wereld is even echt als onze wereld. Mij doet dit sterk denken aan de veel-werelden-interpretatie van de kwantummechanica, die zegt dat bij het uitvoeren van een experiment met meerdere mogelijke uitkomsten er meerdere werelden afsplitsen die elk even echt zijn, maar ik zou eens moeten uitzoeken hoe diep de verwantschap precies gaat.

Als parodie op het werk over “possible worlds” van Lewis schreef Neil Sinhababu het artikel: “Possible girls” (of “mogelijke meisjes”). Dit verscheen in het filosofische vaktijdschrift Pacific Philosophical Quarterly. (Ernstige filosofietijdschriften maken wel vaker plaats voor humoristische bijdragen, zoals uit de reacties op deze blogpost blijkt.) Sinhababu argumenteert dat modale realisten uit verschillende mogelijke werelden verliefd op elkaar kunnen worden (dus niet op de tegenhanger van deze persoon die in dezelfde wereld rondloopt).

Het artikel van Sinhababu dateert trouwens al van 2008, maar het werd dit jaar met Valentijn opgepikt door de Washington Post. De titel van het artikel daar vat het als volgt samen: “Iedereen heeft een date deze Valentijnsdag. Alleen misschien niet in deze wereld“.

YBCO

YBCO is een acroniem voor yttrium-barium-koperoxide. Het is een keramisch materiaal, dat supergeleidend is met een kritische temperatuur van 92 K. Omdat deze temperatuur hoger ligt dan die van vloeibaar stikstof (kooktemperatuur 77 K), is het materiaal interessant voor praktische toepassingen.

Om onduidelijke redenen was ik gisteren “YBCO” aan het zingen op de melodie van Y.M.C.A. van Village People. Mijn vriend daagde me uit om daar een filmpje van te maken. Gisteren had ik alleen een refrein, maar de rest van de tekst laat zich zeer gemakkelijk aanpassen. Zo gemakkelijk zelfs dat het me verbaast dat er nog geen YBCO-versie van dit liedje op YouTube te vinden was (of toch niet voor zo ver ik heb kunnen vinden). Toen zat er dus niks anders op dan mijn alternatieve tekst inderdaad zelf in te zingen. Ik kan niet goed zingen, maar het gaat om het idee, hè… Et voila: een filmpje, met ondertitels en alles! :-)

Als er iemand een nieuwe versie van kan maken – in labojas en met wat meer disco-moves erbij -, stuur me dan zeker een link!

Dit blog heeft dringend een nieuwe categorie nodig: Doing silly things… for science!

De volledige tekst vind je na de vouw. (meer…)

Vredesprijs voor explosief nanodiamant

Verdient diamant een vredesprijs?De winnaars van de Nobelprijzen 2012 worden pas in oktober bekendgemaakt. In afwachting daarvan werden vorige week wel al de “Ig Nobelprijzen” uitgereikt: de jaarlijkse bekroning voor onwaarschijnlijk wetenschappelijk onderzoek dat eerst doet lachen en dan doet nadenken. Hier vind je de lijst met alle laureaten voor 2012. Mijn aandacht werd getrokken door de Ig Nobelprijs voor de Vrede, die dit jaar een sterk materiaalkundige inslag heeft. Dit vormt meteen een goede aanleiding om de draad op te pikken van een oude blogcategorie: “Materiaal op maandag”. (Vorig jaar verschenen: deel 1 en deel 2.) Als je dit pas op dinsdag leest, kun je die categorie gerust “Diamant op dinsdag” noemen.

De Ig Nobelprijs voor de Vrede gaat dit jaar naar het Russische bedrijfje SKN, dat nanodiamant produceert. Nanodiamant is een vorm van synthetisch diamant dat bestaat uit afzonderlijke korreltjes die elk minder dan een micrometer doorsnede hebben – vaak zelfs maar enkele tientallen nanometer. Het bijzondere aan het nanodiamant van SKN is het productieproces: detonatie. Ontploffing dus. Militaire explosieven gebruiken om er diamant van te maken is niet alleen een sterk staaltje van onwaarschijnlijk onderzoek, maar ook een zeer pacifistisch project: goede argumenten om er een Ig Nobelprijs voor de Vrede aan toe te kennen.

Natuurlijk diamant ontstaat in alle stilte in de aardmantel. Ook in het labo verloopt de diamantsynthese doorgaans zeer vredig, in een chemische-dampdepositiekamer. Detonatie-nanodiamant (DND) echter wordt gevormd in de schokgolf van een gecontroleerde ontploffing van een mengsel van TNT en RDX – een combinatie van explosieven die ook in militaire toepassingen wordt gebruikt.

Deze manier om (nano-)diamant te maken werd al in de jaren zestig van vorige eeuw ontwikkeld in de voormalige Sovjet-Unie. Zelf hoorde ik voor het eerst over het alternatieve productieproces toen een Russische onderzoeker er een lezing over kwam geven op het Instituut voor Materiaalonderzoek in Diepenbeek. Zelf werkte ik aan biosensoren op basis van dunne plaatjes diamant. Diamantpoeders waren dus niet meteen toepasbaar voor mijn eigen onderzoek, maar toch is het onderwerp van de lezing – en de voorpret die we hadden bij de aankonding ervan – me bijgebleven. Geen slechte winnaar dus voor een Ig Nobelprijs. :)

Hieronder zie je de uitreikingsceremonie die plaatsvond aan de Universiteit van Harvard. Het filmpje start bij de aankondiging van de Ig Nobelprijs voor het nanodiamant en de korte ontvangstspeech van de directeur van SKN, Igor Petrov.

Nanodiamantjes zijn veel te klein om als edelsteen te dienen in zelfs de meest bescheiden ring. Toch zijn er heel wat toepassingen voor dergelijke diamantpoeders. De poeders kunnen worden toegevoegd aan motorolies, smeermiddelen of plastics en worden ook gebruikt bij polijsten. Verder hebben nanodiamantjes van specifieke afmetingen luminescente eigenschappen: de korrels kunnen gebruikt worden om specifieke biomoleculen mee te labelen en dit kan dan weer worden ingezet in medische toepassingen, zoals bij het onderzoek naar kanker. TNT inzetten om uiteindelijk een middel tegen kanker te vinden: als je het zo bekijkt, verdient dat zeker een vredesprijs.

Natuurlijk is geen enkele menselijke uitvinding of ontdekking louter goed of slecht. Deze ijzeren wet geldt ook voor nanodiamant. Zelf vermelden de wetenschappers het gebruik van nanodiamant als additief in galvanisatie (bron; vertaling), waardoor het oppervlak van materialen voorzien wordt van betere mechanische eigenschappen, zoals hogere hardheid, lagere poreusiteit en minder corrosie. Het ironische aan de situatie is dat dit dan weer kan worden toegepast om de loop van vuurwapens slijtvaster te maken. Voor alle duidelijkheid: ik wil niet beweren dat SKN daar zelf bij betrokken zou zijn, maar deze toepassing staat wel vermeld op de website van Ray Techniques (een Israëlische producent van nanodiamant).

Toch vreemd hoe zo’n onzichtbaar klein diamantkorreltje een rol kan gaan spelen in grote thema’s als oorlog en vrede.

Rariteiten in Rome

SPQR: Senatus PopulusQue Romanus of De Senaat en Het Volk van Rome.In het eerste deel van mijn verslag van onze Rome-reis besteedde ik vooral aandacht aan de grote klassiekers. In dit tweede deel toon ik foto’s van de kleinere merkwaardigheden en aparte details.

Naast majestueuze beelden viel ons oog ook op grappige gevelstenen en expressieve maskers. Deze versteende grimassen inspireerden ons tot een potje gekke-bekken-trekken in de metro.

Maskers en grimassen in Rome.

Maskers en grimassen in Rome. Linksboven: schattige gevelsteen (nabij het theater van Marcellus). Rechtsboven en linksonder: grimassen in de Vaticaanse musea. Rechtsonder: gekke bekken in de metro.

Zoals de meeste grootsteden heeft Rome geen grote biodiversiteit. Op het vlak van fauna zagen we duiven, meeuwen, katten (bij het kattenopvangcentrum op de Largo di Torre Argentina, ook bekend als ‘Kattenforum’) en enkele vlinders. Rome is daarentegen wél rijk aan fabeldieren.

Fabeldieren in Rome.

Fabeldieren in Rome. Linksboven: Er zijn veel draken en andere fabeldieren te zien op de maniëristisch versierde randen rond ramen en deuren in de galerie met de geografische kaarten in de Vaticaanse musea. Rechtsboven: Deze rare snuiter zit op de zuil vóór de basiliek van Santa Maria Maggiore. Linksonder: Dit exemplaar zit verscholen in de Vierstromenfontein. (Volgens Danny is het een krokodil, maar ik zie er een waterdraak in.) Rechtsonder: Als Disney nog eens een sidekick zoekt, stel ik voor dat ze inspiratie opdoen bij deze mozaïek in de Vaticaanse musea.

In de Vaticaanse musea is er zo veel kunst te zien, dat je het risico loopt al na enkele gangen niets meer te zien… Toch was ik meteen gecharmeerd door deze sprookjesachtige schilderijen. Ik wist niet wie ze geschilderd had of wat ze precies voorstelden, maar ze zagen er bijzonder fris uit (waarschijnlijk door de combinatie van heldere kleuren in de voorgrond en het grisaille van de achtergrond) en je kon er zo een heel verhaal bij bedenken. Aan de hand van de tekst boveaan vond ik intussen deze link met een beetje uitleg over het bovenste schilderij; deze en enkele andere allegorische fresco’s van de hand van Ludwig Seitz bevinden zich in de Galleria dei Candelabri.

Sprookjesachtige schilderijen in Rome.

Twee sprookjesachtige schilderijen van Ludwig Seitz. Boven: engel en oude man onder inscriptie “Gratia Dei et contentione voluntatis excellentiam virtutis adipiscimur“. Onder: ridder en engel onder inscriptie “Est Rosarium praecipue implorando Matris Dei patrocinio adversus hostes Catholici nominis institutum (Leo XIII)”.

Sticker-graffiti zie je overal – van Gent tot in Rome. Hieronder een kleine collectie van – al dan niet gemodificeerde – Romeinse borden.

Borden in Rome.

Borden in Rome. Linksboven: toepasselijk is deze sticker-graffiti wel in een stad die zo veel kerken telt. Rechtsboven: Rome sweet home. Linksonder: het is verboden te zitten op de treden van de basiliek van Santa Maria Maggiore. Rechtsonder: een veel-voorkomende sticker graffiti.

Als het na dit tweede deel nog niet duidelijk is dat we als echte toeristen in Rome waren, dan voer ik nog deze foto’s aan als bewijs.

Toeristen in Rome.

Toeristen in Rome. Linksboven: Danny in het Colosseum. Rechtsboven: om de cosmatenvloer in de Santa Maria in Cosmedin te bewonderen, moest ik wel mijn schouders bedekken… met een doorzichtige sjaal – tja! Linksonder: Danny gaat op zoek naar een nieuw aureooltje bij Gammarelli, de hofleverancier van de paus. Rechtsonder: ik rust even uit in de schaduw bij de ‘fontein van de lekkende boot‘ vóór de Spaanse trappen.

Binnenkort plaats ik hier het derde en laatste deel met foto’s uit Rome die verwijzen naar fysica en filosofie.

Creatief flipperen

Melvin is een Rube-Goldbergmachine die een zegel op een postkaartje plakt.Zoals je weet uit het stukje over onzinmachines hou ik van mechanisch speelgoed en andere leuke mechaniekjes zoals knikkerbanen, flipperkasten en Rube-Goldbergmachines. Vandaag drie nieuwe tips in deze richting.

(1) Ten eerste wil ik zeker deze Nederlandse kortfilm een plaats geven op mijn blog: in de hoofdrol schittert een draagbare Rube-Goldbergmachine, die de makers “Melvin the Machine” gedoopt hebben. Melvin werkt niet alleen zeer soepel, hij is ook tot in de details mooi afgewerkt met als thema “Nederland”. Een leuke bonus bij het project is dat Melvin een eigen website heeft, met onder andere een interactief schema van hoe de machine werkt.

(2) Uit eigen ervaring weet ik dat zelf een flipperkast maken veel leuker is om te doen, dan om er achteraf ook effectief mee te spelen. Toch is het enthousiasme van de jonge flipperkastbouwer in het onderstaande filmpje heerlijk om te zien. :-)

Een magneettoren uit Snowball waarmee je ballen rondjes kunt laten draaien of wegslingeren.(3) Soms post ik al eens over grappige online spelletjes met een leuk fysica-element, zoals Shaun the sheep. Intussen heb ik nieuw vertier gevonden in deze categorie: de online flipperkast genaamd Snowball. Belangrijke waarschuwing: begin er niet aan als je het komende uur nog iets anders te doen hebt.

Natuurlijk is mijn fascinatie met flipperkasten grotendeels te wijten aan het mechanische, fysische aspect ervan en juist dat valt weg bij flipperprogramma’s. Snowball compenseert dit gebrek echter ruimschoots: de gewone mechanica van stuiterende ballen is voldoende realistisch geprogrammeerd én er wordt gebruik gemaakt van fysische principes die bij een gewone flipperkast uitgesloten zijn. Mijn favoriete element zijn de twee magneettorens, waarmee je de bal op een ellipsbaan kunt laten draaien of juist een andere kant uit katapulteren.Het enige onrealistische hieraan is dat de bal waarmee je speelt een sneeuwbal is en het is me niet duidelijk waarom die zo sterk op een magneetveld zou reageren. Verder is het thema van sneeuw en winter trouwens wél consequent uitgewerkt. Zo kun je extra sneeuwballen vrijmaken door een sneeuwman te rak en worden de kleinere ballen geleidelijk aan groter door over de sneeuw te rollen.

Het speelveld is een stuk groter dan bij een echte flipperkast en er zitten mini-spelletjes in verwerkt, zoals een kleine versie van Breakout. Je kunt dus wel een paar keer spelen voor je alle speciale effecten hebt ontdekt. Mijn persoonlijke topscore is meer dan vierhonderdduizend punten, maar dat zijn apennootjes vergeleken met de echte topscore van bijna zeventwintig miljoen punten. Ik wil zelfs niet weten hoeveel uur (of zijn het dagen?) je daarvoor moet spelen. Voor tips voor een redelijke score kun je eens spieken bij de commentaren van deze review. Zelf ga ik niet meer spelen, want dat fanatieke geflipper is duidelijk niet goed voor de pijltjestoetsen van mijn laptop. ;-)

The Hunger Games nagespeeld met paaseitjes

Naar de film gaan voor Pasen kan ernstige gevolgen hebben.

Naar de film gaan vóór Pasen kan ernstige gevolgen hebben.

Moet ik het verhaal achter deze fotocompositie hier echt uit de doeken doen?

Wel, ik schreef toch al dat we naar “The Hunger Games” zouden gaan kijken? En dat het daarna Pasen was, heeft u ook gemerkt? Als ik eenmaal weet wat er in gevulde paaseitjes zit en ik vind die vulling erg lekker, leg ik er al eens eentje opzij. Dat beeld deed Danny denken aan “The Hunger Games“, want… [spoiler] die met de gekleurde papiertjes overleven het langst.[/spoiler]

Arme paaseitjes!

Aanvulling (12 april 2012):

Serieuze mensen zouden zoiets niet posten – die doen gewoon een statistische analyse van de overlevingskansen in de film! Alhoewel, echt serieuze wetenschapsblogs schrijven vandaag natuurlijk over de nieuwe aanwijzingen over Majorana-fermionen van een groep aan de TU Delft.

Aanvulling (16 april 2012):

Ook in Wired staat er een artikel over kansrekening en speltheorie in The Hunger Games.

Mogen sterren een wens doen als ze een vallende mens zien?

Kinderen stellen veel vragen.Wat hebben grote wetenschappers en filosofen met kleine kinderen gemeen? Ze zijn dol op vragen stellen!

Kinderlijke verwondering en nieuwsgierigheid zijn goede eigenschappen voor onderzoekers. Terwijl wetenschappers vooral naar antwoorden zoeken, gaan filosofen juist op zoek naar nieuwe vragen. Het verschil is niet zwart-wit, want er zijn ook filosofische wetenschappers en wetenschappelijke filosofen, maar in grote lijnen klopt deze indeling wel. Wetenschappers onderzoeken een bepaald type vragen. Vaak roepen hun bevindingen weer nieuwe vragen op, dat is waar. Dat houdt hun winkeltje aan het draaien, ook dat is waar. Maar deze nieuwe vragen zijn voor wetenschappers geen eindproduct. Enkel voor filosofen is het vinden van een nieuwe vraag – of beter nog: een geheel nieuwe soort van vragen – een resultaat.

Sommige vragen zijn eigenlijk grapjes met een vraagteken erachter. Je zou het lichtvoetige taalfilosofie kunnen noemen. Hier een paar voorbeelden:

  • Als olijfolie van olijven gemaakt wordt, waar is babyolie dan van gemaakt?
  • Als een boekentas dient om boeken in te dragen, waar dient een handtas dan voor?
  • Waarom wordt fonetisch niet gespeld zoals je het zegt?
  • Wat voelen vlinders in hun buik als ze verliefd zijn?

Wat is er beter dan filosofie van de fysica? Filosofie van de fysica met een dinosaurus erbij!Ook op internet zijn dit soort vragen erg populair. Soms zie je ze afgebeeld met een peinzende velociraptor erbij: deze filosofische dinosaurus heet – heel toepasselijk – Philosoraptor. Nog niet bekend met deze internetmeme? Bekijk dan zeker deze collectie van twintig wijze Philosoraptor-erupties. Ze zijn al meer dan een jaar oud, maar er zitten leuke tussen.

Om de eerste blogpost van het nieuwe jaar vrolijk af te sluiten, hier een filmpje van Chris Schultz die een popliedje heeft gemaakt op basis van Philosoraptor-vragen. Hij deed dit al tijdens de zomer, maar besloot drie dagen geleden pas om het ook op internet te zetten:

En nu we het toch over al iets oudere internetmemes hebben: ook de Nyan-kat is 2011 ontvlucht en heeft intussen 2012 bereikt. Je bent dus gewaarschuwd!

Wetenschap kan de boom in!

Einstein is klaar voor de Kerst. U toch ook?Zo, die Sinterklaas is het land uit, dus nu is het aftellen naar Kerstmis. Ik help je deze periode overbruggen met vijf wetenschappelijk verantwoorde tips:

Wees voorzichtig in de mensendrukte als je kerstinkopen gaat doen en maak er een fijne tijd van.